06 mrt. 2026
Pasfoto Ruud Houweling

Elf jaar oud, op de achterbank van de auto, hoorde ik Life On Mars van David Bowie, dat strijkersarrangement kwam zo binnen, dat ik dacht: zoiets moois kunnen bedenken is het hoogste dat een mens kan bereiken. Een jaar later zag ik Ray Davies op tv, man met gitaar. Een blikseminslag, dát zou ik gaan doen met mijn leven. Kort erna, na de eerste gitaarlessen, schreef ik mijn eerste liedje. Op een dag merkte ik dat als ik een gevoel kon vangen in een song, dat dat weer vrijkwam als het gespeeld werd. Dat vond ik magisch en voelde het als een verantwoordelijkheid om dat te ontwikkelen. Tot mijn drieëntwintigste zat ik in bands met eigen werk. De beste gitarist hoefde ik niet te worden, maar wel graag een goede songwriter. Pas later ging ik ook zingen en durfde ik het alleen. Een opleiding voor wat ik wilde bestond niet. Het conservatorium was nogal belegen, dat trok me niet.

 

Maak fouten en lach erom

Mijn vader duwde me richting kunstacademie. Ik deed grafisch ontwerp. Het voelde als de verkeerde afslag, maar achteraf was het niet zo'n gekke keuze want ik leerde er om autonoom kunstenaar te zijn. Ontwerpwerk heb ik er lang naast gedaan, maar muziek was mijn roeping. Het lastige in Nederland is dat popmuziek hoofdzakelijk plat vermaak voor de massa is, waar ik niks mee heb.

Waar mijn kracht ligt en welke functie mijn werk heeft, was een ontdekkingsreis. Inmiddels begrijp ik mijn plek, koester die en verwonder me over wat het teweeg kan brengen. Wat ik voel tijdens het spelen? Het gevoel zit al in het materiaal. Ik ga er live juist tussenuit, als een raam waar het doorheen waait. Ik heb gemerkt dat hoe stiller ik van binnen ben, hoe meer het publiek er in opgaat. Een tip voor beginnende kunstenaars? Volg je gevoel en blijf trouw aan jezelf. Maak fouten en lach erom. Ontdek van wie je iets kunt leren en ga erop af!”